Windows Server Standard (Licentie per 2 cores)

Windows Server Standard (Licentie per 2 cores)

Leverancier: Microsoft

Categorieën: Administratieve software, Antivirus & Beveiliging, Virtualisatiesoftware, Besturingssoftware

Vorm: Groepslicentie

Einddatum licentieovereenkomst leverancier: 31-12-2021

Dit betreft de Windows server Standard editie. Deze wordt geleverd met kernfunctionaliteiten van Windows-server en twee OSE-containers.

  • Windows Server is het besturingssysteem voor servers;
  • Je kunt hiermee fysieke en virtuele infrastructuren in elkaar laten overgaan.

Kenmerken van Windows Server Standard

  • Deze editie is voldoende voor organisaties die geen virtualisatie nodig hebben en alleen een lichtgewicht server hebben;
  • Je hebt maximaal 2 (3 als je de fysieke host meetelt) Hyper-V-containers tot je beschikking;
  • Maximaal 2 virtual machines: voor iedere extra virtualisatie moet je opnieuw alle cores voorzien van een geldige licentie (daarbij rekening houdend met de minimale afname). Ook kun je kiezen voor de datacenter licentie, die je onbeperkt mag virtualiseren;
  • Ongelimiteerd aantal Windows containers. 

Voor elke extra virtualisatie moet je opnieuw alle Cores voorzien van een licentie

Releases van Windows Server

Er zijn de afgelopen jaren meerdere releases geweest van Windows Server. De eerste versie dateert van 2003 en de meest recente versies zijn 2016 en 2019. Iedere release heeft nieuwe kenmerken. Omdat deze licentie Software Assurance (SA) bevat, ben je vrij om te kiezen welke versie je gebruikt.

Let op, vanaf 14 januari 2020 wordt versie 2008 niet meer ondersteund. Wij raden aan de meest recente versies (2016 en 2019) te gebruiken.

Je server naar de cloud?

Wil je weten hoe je deze licentie voordelig gebruikt zodra je je Windows Server naar de (Azure) cloud wilt brengen? Bekijk dan onze Azure Hybrid Benefit pagina voor Windows Server.

Verschillen Standard en Datacenter

Het grootste verschil tussen de Standard en de Datacenter editie zit hem in het virtualiseren. Bij Standard mag je maximaal 2 virtuele machines én maximaal 2 Hyper-V containers draaien. Bij de Datacenter editie mag dit onbeperkt. 

Andere verschillen zijn: de netwerkcontroller, host guardian Hyper-V ondersteuning, opslagreplica, afgeschermde VM’s en software gedefinieerde netwerkvoorzieningen. Ook is de directe opslagruimte bij de Standard niet aanwezig en bij Datacenter wel. Kortom: de functies zijn wat beperkter in de Standard editie. 

Wil je meer weten over de verschillen, kijk dan op deze pagina

Windows Server versie 2016 en 2019

Hieronder bespreken we de belangrijkste verschillende tussen de versies 2016 en 2019.  
  • Windows 2019 heeft ten opzichte van 2016 een Storage Migration Service, waarbij je data eenvoudig migreert naar Windows en/of Azure. 
  • Bij Windows Server 2016 is de basis al gelegd voor de cloud. Windows Server 2019 werkt daarentegen hybride (zowel on-premise als via de cloud). Hierdoor heb je bij Windows Server 2019 de mogelijkheid om gedeeltelijk of volledig over te stappen naar de cloud. 
  • Server 2016 maakt gebruik van Active Directory, file server synchronisaties en data-back-ups in de cloud. Windows Server 2019 laat het on-premises gedeelte gebruikmaken van the Internet of Things en Artificial Intelligence. Het voordeel is dat beide opties geschikt zijn voor de lange termijn en tevens te combineren.  
  • Server 2016 had al een mogelijkheid voor shielded VMs, wat je systeem beschermt tegen gevaarlijke hosts op het internet en op andere netwerken. Windows Server 2019 ondersteunt dit ook voor Linux.  
  • Bij de Windows Server 2019 versie is de aandacht gevestigd op het voorkomen van aanvallen met de Windows Defender Advanced Threat Protection.   
  • De Windows Server 2019 heeft een nieuwe functionaliteit voor uitgebreidere ondersteuning van VMConnect. Dit verbindt verschillende virtuele machines en bevat een verbeterde versie van troubleshooting voor de shielded VMs. Met Windows Server 2019 ben je beter in staat om je gecodeerde netwerk te beschermen, maar ook de verbinding tussen verschillende servers is voorzien van betere beveiliging.  
  • Windows Server 2019 heeft het formaat van de server base core van de container image verkleind. Hierdoor gaan de ontwikkelingen en prestaties omhoog.

Het aantal licenties berekenen

De licentiëring van de Windows-server is gebaseerd op het aantal cores in je server. Alle fysieke cores op de server moeten een licentie hebben. Hieronder vind je een uitleg over de minimale licentiëring. Bekijk eerst hoeveel servers je hebt, per server tel je het aantal processoren en cores.
  • Minimaal 8 cores per processor (CPU) bestellen
  • Minimaal 16 cores per fysieke server bestellen. Dus wanneer je fysieke server maar 1 of 2 quad-core processors bevat, moet je minimaal 16 core licenties voor die server aanschaffen. 

Windows Server Core licenties worden per pakket van 2 afgenomen; 1 licentie is dus goed voor 2 cores. Voor alle gebruikers van de server zijn nog steeds de Windows Server CAL’s nodig. Deze zijn in je basispakket afgedekt en hoef je dus niet los aan te schaffen. 
 
Als we dit in een tabel zetten, krijgen we het volgende overzicht: 

Tip: heb je voor de Windows Server Standard meer dan 16 Core licenties en/of meer dan 2 Virtual Machines of Hyper-V-containers nodig? Dan is het wellicht de overweging waard om over te stappen op een Datacenter licentie. Hiermee heb je, wanneer alle Cores zijn gelicentieerd, het recht om onbeperkt virtuele Windows servers te installeren. 

 

 
Inloggen: U kunt de prijs pas bekijken als u bent ingelogd!

Voorwaardelijke licenties

Logo Microsoft

Microsoft Basispakket (2018-2021)